Ineens schoot ik in een sentimental flashback om 'U' tegen te zeggen.
Dit betekent niet dat ik praat tegen feiten en omstandigheden. Het is een uitdrukking, weet u wel. U.
Regelmatig ontving ik berichten via andere kanalen. Of het wel goed met me ging, of gaat.
Je zal maar leukemie hebben uiteindelijk. [Heb ik niet] Of je zal maar dood zijn. [Ben ik niet]
Welnee. Het was me eerder 'het jaartje wel'.
Ook dat is een wat onduidelijke uitdrukking.
Vanavond was vorig jaar de avond die een afscheid zou inluiden. Zo had ik besloten.
Het was een beetje tegen beter weten in, maar daarvan had ik ook niet zoveel verstand.
Ik weet nog hoe glad het was. Glibberend reed ik noordwaarts en zag in diverse bermen heel veel ontspoorden vergezeld van zwaailicht. Ik bereikte bestemming, en wij bereikten bestemming: café De Minnaar.
Vervolgens verzeilden we in een hele slechte soap, vervuld van Mannen met Gleufhoeden, anonieme telefoon en wat dies meer zij.
Een dag later was de weg vrij. Nooit anders beleefd, hindernissen zijn er om te nemen,
zeker als ze niet meer zijn dan twee paaltjes met een dwarslat.
Feitelijk inhoudsloos, het houdt slechts wat op.
Wat overblijft is de intuïtie die zich ontplooit.
Alsof het nooit anders geweest is, omdat het zo moet zijn.
Dus wat doe je dan?
Je zorgt voor gezinsuitbreiding.
Nou.
En nu hebben we een hond, heel nobel. Een zwerfpup uit Kroatië.
Hij vervult het leven met liefde.
Geknaag, puberaal gedrag en meepraten.
We noemden hem na allerlei leuk bedachte namen 'Bufo-Bufo',
dat is Latijn voor modderwroetende pad.

Liefde, dus.
En is dat niet waar het om gaat?
Fijne dagen!
Ook voor jou.
'Het moet voor een Non goddelijk zijn om in Hem te leven.'
Tevens voor de kater die daar, vanuit zijn nest hier, terechtkwam.
Hij vertoonde zich de hele middag niet. Zal je net zien.
Maar ook voor de incidentele voorbijganger is het een leuk oord.
Mais oui.
Zo eerlijk moet ik wezen.
En met een wagen volgeladen kwam ik weer thuis.
Dat levert een zonnig plaatje op.
De oogst uit Hem.

Als er iets je reinste onzin is, dan heet dat ‘vrienden blijven’.
Klinkt mooi, daar gaat het niet om, maar als blijkt dat je dat nooit geweest bent dan wordt dat een soort mosterd na de maaltijd.
Hele scherpe.
Knap ben je als je maar de helft gelooft van wat je hoort.
Briljant ben je, wanneer je weet welke helft.
Gisteren en vandaag was ik aan het snoeien. Ik wist amper dat er zoveel te snoeien was,
Snoeien is definitief, dacht dat ik niets had maar voor ik het wist twee containers vol.
En vandaag weer bijna een halve. Groene.
Laat het maar symbolisch zijn. Als iets over is dan wel geen zin meer heeft moet je het afvoeren. Geen tijd of ergernis meer aan besteden.
Oh god, ik zocht een oud mailtje op.
Jaar of twee geleden, vol kwetterende domheid die postuum doorslaggevend is.
Ik moest dit en ik moest zus en ik moest zo.
Ik moest zelfreflectie! Aha!
Inmiddels ben ik zover dat het woord alleen me al uitslag bezorgt.
Lekker ding dat vanaf de zijlijn toebijt dat dát is wat mij kan redden. Inmiddels kan ik om het arrogante gewauwel lachen.
Ik ken de leugens en grootspraak en dreigementen die maar moeten blijven wat ze zijn.
Weg uit de 'Oh- en Ah-cultuur'.
Nooit meer iets mee te maken hebben, ver van blijven,
het blijkt de beste manier.
De zelfbenoemde grote kartrekker heeft een mooi leven gehad, dus redt zich verder wel.
De gemiddelde tram rijdt harder in de spits.
Ik spande de druivenstruik en zag minstens anderhalve fles zelfgebrouwen wijn.
In het verschiet.
Ik dronk rosé op een afscheidsreceptie, wist dat het goed was.
Ik hoorde en wist ook dat ik goed doe.
De weg die je moet gaan, is de weg die je moet gaan.
De wereld ligt open, zowel figuurlijk als letterlijk.
Daar is iedereen het over eens.
Ikzelf inmiddels ook.
Be that.
‘is dit een weergave van de werkelijkheid,
of geeft de werkelijkheid dit weer’
…
En ineens was hij weg.
Op zoek naar de muze, in meervoud.
We waren het er al lang over eens.
Verwarring, geestdrift en liefde voor…
Hij vond ‘het’ terug, Ik vond dat het moest.
En toch voelde ik tranen toen hij de straat uit reed op weg naar.
Verkering is een egoïstisch iets, met hem is het een stukje hemel op aarde.
De verbondenheid is van een bijna ziekmakende eenvoud.
Waar slapeloze nachten al een tijd tot het verleden behoren is er nu de onophoudelijke drang tot doorgaan. Waar gaat het nou om. Wie zijn wij en wie zijn wij samen.
Het heeft iets ontroerends tegelijk.
Dat had het vorig jaar rond deze tijd ook, het werd niet anders.
Hij heeft de bestemming inmiddels bereikt.
Ik geniet alvast met hem mee.
Het snijden van het linnen, de warmte, olijf- en wijngaarden.
Ondertussen het bewustzijn van het ongenadeloos ‘samen’.
Zo moet het blijven, zo zal het blijven.
Nog een paar nachtjes slapen.
Zo snel als vleugels kunnen dragen vlieg ik.
Naar Marseille.
Hij: 'dat gaat toch niet over die...'
Ik: 'ja! over hem!'
Hij: 'Godver!...'
Kleine grote man.
Checklist doorgelopen.
Dit zit hier en dat zit daar.
Horloge om,
alles in de tas, slaapzak, nieuwe toilettas, voetbalhandschoenen.
En zelfs Pantertje
'dat is toch niet echt gek mama, een knuffel'?
...

‘Missen is iets wat je voelt als iets er niet is.’
[Toon Tellegen]
En ik sleep hem mee & ik volg hem. Het codewoord is ‘samen’.
‘Jij bent zoveel verder’ zei een goede vriend. En ik bedankte hem hartelijk maar voelde me wel eens anders.
Oordelen en veroordelen.
Weten hoe het anders moest.
‘Ik weet nog wat je me een jaar of drie geleden vertelde’ zei N., toen ik haar na al die tijd weer zag en sprak. ‘toen wist ik al dat het niet meer zou komen.’
Het was me duidelijk.
Waar eerlijkheid ontbreekt en gewenst gedrag iets moet redden, daar is sprake van een kansloze missie.
Mijn boosheid achteraf was terecht. Dat hij het allemaal goed bedoeld had… Nee.
Dat hij het niet anders kon was een farce. Hij wist precies hoe hij het hebben wilde.
Ik wist het alleen niet.
Even vergeten te vertellen of ik bestond überhaupt niet.
Niet in zijn verhaal in ieder geval, toen ik het hoorde was het gebeurd.
Waan, wilde fantasieën en werkelijkheid gaan slecht samen.
Ik vroeg me af of ik mezelf iets moest verwijten.
Of ik het anders had moeten doen. Of de wereld er dan anders had uitgezien.
Mijn wereld. Zijn wereld.
Het zal allemaal wel,
Inmiddels ben ik voornamelijk geïnteresseerd in de simpelheid van mijn eigen leven.
Hoe gemakkelijk is het om niets te hoeven verzinnen,
en een ander ook die ruimte in gebruik te zien nemen.
Het is lief, het is leuk en het is goed.
Door alle factoren die van invloed zijn op een gelukkig leven buiten jezelf te zoeken bestaat er weinig kans op zinvolle invulling. Voor de één is dat genoeg, voor de ander niet. Mij lijkt het weinig zinvol om oeverloos te google-n en speculeren op mogelijke feiten en omstandigheden.
Een jaar geleden reed ik plots in een Renault Clio.
‘Jij?’ zei A.
Ik zag heus wel hoe hij een grinnik inslikte.
‘Nou ja, dat is te vinden op het wereldwijde web, dat zit er ook wel eens naast’ sprak de Alfa 156 rijdster.
Letterlijk in dit geval.
Ik google-de me een slag in het WWW maar op geen enkele manier kon ik mezelf in verband brengen met een Renault Clio, al is dat natuurlijk een Heel Fijne Auto!
Merlijn keek naar onze straat op Google Streetview en constateerde de auto van de vroegere buren op het plaatje van ons huis.
Een Renault Clio.
Gottegot.
Obsessief gedrag is eng en naar.
Ineens zong rond dat ik leukemie heb en erfelijk belast ben.
Het lijkt me een belediging voor iedereen die aan de ziekte lijdt want het is me nogal wat.
Als je maar doelgericht genoeg rechercheert dan kom je er blijkbaar wel op.
[Noot: het is mij niet gelukt]
Het internet is een mooi fenomeen.
Als je iets wil weten kun je het beste maar de kloten hebben om ‘op de man –vrouw- af te vragen’.
Zoals er niet alleen ‘kloten’ maar ook de ruimte nodig is waar het oordeel niet al is gevallen voor de vraag überhaupt gesteld is.
Mij is niets gevraagd want het antwoord is niet interessant.
Gisteravond zagen we Lohues.'Hout Moet'.
Gemengde gevoelens.
Genialiteit tegenover dorpsroddel.
In de auto en alleen schrijf ik in gedachten De Beste Blogjes.
Kop, Staart, Plot, werkelijk: alles erop en eraan.
Zelfs terwijl radio2 een eighties-revival doet.
Er werd namelijk in die jaren héél veel rare muziek gemaakt,
dan dwaal ik snel af. Voor wat het waard is.
Als we het hebben over The Eighties: ik was veertien toen ze begonnen & Doe Maar kwam op.
Het meest 'Doe Maar' aan mij was geloof ik zo een rood-geel-groen-gebreide trui. Plus de onvermijdelijke kleine buttons.
Het is niet zo goed in een blogrevival-week,
maar ik revival heus wel.
Vanavond zien we dit & deze:
The importance of being Earnest, het belang van Ernst.
En Bob Dylan. In een Grote Kerk.
Als dat geen retrorevival is!
